Zo vlak voor het weekend zie ik weer uit naar de
kerkdienst aanstaande zondagmorgen.
U ook ? De kerk als instituut is helaas
momenteel niet erg populair. Buitenstaanders
wijzen op de verdeeldheid, op machtsmisbruik in
verleden en heden, en noem maar op. Voor wie
ingewijd is in het kerkelijk leven is het
zonneklaar dat er in de kerk dingen fout gaan.
Er bestaat een groot verschil tussen ideaal en
werkelijkheid. Maar de Bijbel, het Woord van
God, suggereert ook nergens dat in de kerk
alleen volmaakte mensen mogen meedoen. Juist
mensen die zich bewust zijn van hun
onvolkomenheden mogen zich door God geaccepteerd
weten. Het omgaan met elkaar binnen een
kerkelijke gemeente of een Leger des
Heils-gemeente is een oefening in geduld. Zoals
God mensen niet ongenadig op hun nummer zet maar
genadig behandelt en in liefde corrigeert, zo
moet men leren omgaan met elkaar. En dat is een
proces van vallen en opstaan. In de kerk kom je
mensen tegen. Maar waar het vooral om gaat, is
dat Gods stem er gehoord wordt. God vraagt ons
antwoord: in gebed, in gezang en in geloof. De
kerk is een pleisterplaats op onze levensweg.
In de kerk of in de samenkomstzaal van het Leger
des Heils maakt het niet uit wie of wat je bent
of welke huidskleur je hebt. Voor God is
iedereen gelijk. Je hebt elkaar nodig en daarom
mag iedereen er zijn, precies zoals je bent. Je
hoort bij elkaar als mensen die individueel
allemaal weer anders in elkaar zitten. In feite
ben je eigenlijk een beetje familie van elkaar.
‘In de kerk leer je iets over de veelkleurigheid
van de wijsheid van God’ las ik ergens. En dat
is waar. De één is goed in het werken met zijn
handen. De ander blinkt uit in het beramen van
plannen. En weer een ander is goed in
administratief werk. En zo vorm je met elkaar de
gemeente of wel het Lichaam van Christus.
Ik zei het al: In de kerk kom je mensen tegen.
Maar dat betekent niet alleen dat de kerk een
ontmoetingsplaats is, waar je vrienden kunt
maken en waar je elkaar kunt opbouwen. Het
betekent ook dat je minder leuke kanten bij
elkaar ontdekt. Ook in de kerk is het niet
allemaal koek en ei. Je kunt het met elkaar
volkomen oneens zijn en zelfs blijven. En als
dat over zaken van de buitenkant gaat, is dat
helemaal niet erg. Het kan zelfs goed zijn voor
een groep mensen om weer na te denken over
allerlei zaken die de vormgeving betreffen. De
eenheid zit ook niet in de buitenkant van de
zaak, maar juist in de inhoud: je bent van
Christus. Door het geloof ontstaat er een
eenheid, die zelfs levensgrote verschillen kan
overbruggen.
In de kerk en in de zaal van het Leger des Heils
mag en kan je het heil vinden, want elke zondag
wordt verkondigd wie de Here Jezus is en wie Hij
voor ons mensen wil zijn. De kerk of het Leger
des Heils is geen menselijke onderneming. Het
gaat in de kerk niet alleen om mensen. Het gaat
om de Here God, die de mensen oproept om Hem te
ontmoeten. Dat maakt eigenlijk alles uit. Als
God al die anderen heeft uitgenodigd, wie ben ik
dan om hen te beoordelen? In de kerk gaat het in
eerste instantie om de relatie tussen de
bezoekers en de Here God. Daarbij komt ook de
relatie met de andere gemeenteleden naar voren.
En net als in veel gezinnen of families is er
onderling wel eens wat. Maar je bent pas echt
verkeerd bezig als je jezelf terugtrekt en
voortaan de kerk maar links laat liggen. Want
dan loop je ook de kans God te verliezen.
In de kerk komt u mensen tegen, die net als u op
zoek zijn naar God, naar wat Hij ons te zeggen
heeft. De kerk is een kring van mensen waar
altijd plaats is voor anderen, omdat God mensen
blijft roepen. God wil mensen redden. In de kerk
wordt zijn Woord verkondigd. In de kerk hoor je
hoe je een volgeling van Christus kunt worden en
blijven.
U bent zondag hartelijk welkom in de diensten
van het Leger des Heils of in de kerk bij u in
de buurt.
Rondom
het Woord
Ik lees voor u uit het Lucasevangelie
vers 23 uit hoofdstuk 9.
Jezus zei tegen allen: ‘Wie achter mij
aan wil komen, moet zichzelf
verloochenen en dagelijks zijn kruis op
zich nemen en mij volgen’.
Gelukkig kan je het ook heden ten dage
nog meemaken dat mensen onder de
bekoring komen van het christelijk
geloof, als mensen in aanraking komen
met het Evangelie van Jezus Christus.
Die aanraking kan op velerlei manieren
gebeuren. Bijvoorbeeld door het lezen in
de Bijbel, door een ontmoeting met
iemand die een duidelijk getuigenis weet
te geven, door een lied dat gezongen
wordt of misschien wel door het
luisteren naar een uitzending van Radio
Salvation.
Ja dan gebeurt het ook nu nog dat mensen
onder de bekoring komen van het
Evangelie. Ze worden als het ware gepakt
door het Evangelie, het geloof in Jezus
Christus. En dan wel op zo’n manier dat
ze het niet meer los kunnen laten. Maar
ze willen het ook niet meer loslaten,
want dat geloof in Jezus Christus is
begerenswaardig. Dat geloof biedt
houvast en zekerheden, die buiten het
geloof nergens anders te vinden zijn.
Met andere woorden: het geloof blijkt,
als je het hebt leren kennen, zeer de
moeite waard te zijn. En met die woorden
‘de moeite waard’ komen we eigenlijk
gelijk al terecht bij die woorden uit
hoofdstuk 9 van het Lucasevangelie.
Misschien is het wel eens goed, het
vragenderwijs aan de orde te stellen. Is
het geloof nu werkelijk de moeite waard
? En dan in de meest letterlijke zin.
Brengt het geloof lasten met zich mee en
zijn die lasten de moeite waard om
gedragen te worden? Lijden we nog om ons
geloof? Of is ons geloof verdwenen bij
tegenslag, verdriet of niet begrepen
worden?
Het zou natuurlijk geweldig zijn als je
zulke vragen op een heel directe manier
zou kunnen
beantwoorden met: ja hoor, natuurlijk is
dat geloof de moeite waard. En wat die
lasten betreft, ach, het valt eigenlijk
best wel mee. Bedenk maar eens wat je er
allemaal voor terug krijgt: vrede en
geluk, innerlijke rust, uitzicht voor
vandaag en de toekomst. Weegt dat
allemaal niet op tegen dat beetje lasten
wat er bijkomt?
Maar zo’n antwoord geeft natuurlijk niet
helemaal de werkelijkheid weer.
Christenen staan echt niet altijd maar
op de toppen van het geloof. Verdriet
wordt ook hen niet bespaard. De
bekoorlijkheid, de aantrekkelijkheid van
het christelijk geloof is wel eens ver
te zoeken als er allerlei niet gewenste
zaken op je levensweg komen zoals
teleurstellingen, ziekte en noem maar
op.
Maar weet u: vanaf het begin van de
prediking van Jezus Christus hebben
mensen deze teleurstellingen moeten
ervaren. En het blijkt door de eeuwen
heen inderdaad één van de grootste
tegenvallers te zijn dat gelovigen een
kruis wacht. In Lukas 9 wordt dat ons op
een indringende manier duidelijk
gemaakt. In de dagen dat Jezus rond ging
op de aarde, kwamen steeds meer mensen
op Hem af. Ze zien wat in Hem. Jezus
zegt immers geweldige dingen en Zijn
daden zijn nog geweldiger. Blinden
kunnen weer zien, lammen kunnen weer
lopen en zelfs doden worden weer levend.
De mensen zijn enthousiast en de kring
om Jezus wordt steeds groter.
En wat doet Jezus dan? Als Hij in
gesprek is met Zijn leerlingen vraagt
Hij hen: Hoe denken de mensen over Mij
en hoe denken jullie over Mij? En dan
zegt Petrus, één van Zijn leerlingen: U
bent de Christus. Hierna probeert Jezus
Zijn leerlingen te wijzen op Zijn komend
lijden en opstaan uit de dood. En nadat
Jezus daarover gesproken heeft, staat er
in de Bijbel: ‘Tegen allen zei hij: ‘Wie
achter mij aan wil komen, moet zichzelf
verloochenen en dagelijks zijn kruis op
zich nemen en mij volgen’.
En dat zegt Jezus niet alleen tegen zijn
trouwe discipelen, maar ook tegen al die
toeschouwers, maar ook tegen u en tegen
mij. Jezus richt zich tot alle mensen.
Maar wel met een oproep die je kan
verbazen. Als je meer aanhangers wilt,
dan moet je toch niet aankomen met min
of meer dreigende woorden. Jaag je de
mensen dan niet bij je vandaan? Geen
mens zal er naar verlangen om zichzelf
te verloochenen en dagelijks een kruis
te dragen. Uit onszelf komen we daar
tegen in verzet. Maar we hoeven geen
martelaar te worden. We mogen ons leven
aan Jezus toevertrouwen en dat houdt in
dat we het mogen verwachten van Hem, die
het Kruis voor ons heeft gedragen. En de
weg die Jezus daarvoor ging, maakt
duidelijk wat leven is: afzien van
jezelf en je toewenden tot Hem, ook al
kost dat offers.
En dat is inderdaad de keerzijde van de
bekoorlijkheid van het geloof. Maar toch
is het geloof iets geweldigs, ook al
wijst Jezus terecht op die keerzijde.
Jezus volgen wil zeggen: Hem voor te
laten gaan en achter Hem aan te gaan.
Jezus nodigt u en mij daartoe uit. Hij
is de weg tot het einde gegaan; een weg
die uiteindelijk uitkwam bij de
overwinning op de dood. En wie wil er
niet leven vanuit die overwinning?
Jezus is ons voorgegaan en wij mogen Hem
volgen. Of zoals een Leger des
Heils-lied zegt:
Jezus roept mij Hem te volgen, volgen
Hem alleen.
Als zijn stem mij vriendelijk nodigt,
kan ik dan zeggen: neen?
Volgen wil ik U, o trouwe Heer, volgen
op mijn levenspad.
Heel mijn toekomst is bij u bekend; ja U
leidt mij stap voor stap.